Je foto’s archiveren en terugvinden in Lightroom
Ben je regelmatig foto’s kwijt of heb je her en der verspreid op je pc verschillende exemplaren van je foto’s staan? Dan wordt het misschien tijd om je foto’s goed te gaan archiveren. Je krijgt er immers alleen maar foto’s bij!
“Wat voor software gebruik je?” vragen we regelmatig aan de deelnemers aan onze fotoreizen of workshops. Een meerderheid van de mensen gebruikt gratis software, zoals Windows Paint, iPhoto of Picasa. “Want,” zo zeggen ze, “ik wil zo weinig mogelijk aan de foto’s veranderen en ze zo goed mogelijk uit de camera krijgen.” Een goed streven, want de meesten van ons zijn niet gaan fotograferen om uren en dagen achter de computer te zitten. “Maar hoe zit het dan met het archiveren van je foto’s?” is dan onze vervolgvraag. En dan blijkt iedereen er zijn/haar eigen systeem op na te houden. Met hernoemen van bestandsnamen en heel vaak het kopiëren van de foto’s naar thema mappen met heldere namen als ‘Fotoreis New York en Niagara’. En wanneer je tijdens die tocht ook nog eens een paar mooie shots van de Amerikaanse Zeearend (Bald Eagle) hebt gemaakt, dan moeten die foto’s zeker ook gekopieerd worden naar je themamap Vogels. Daar beginnen de problemen. Want in plaats van één foto heb je nu al drie foto’s op je harde schijf of schijven. En met een steeds groeiende collectie aan foto’s is duidelijk dat je heel snel ruimte tekort komt op je pc én dat je binnen de kortste tijden niet meer weet waar welke foto staat.
Eigenlijk is een goed archiefprogramma onmisbaar. Ook wanneer je echt geen foto’s wilt gaan bewerken. De bekendste programma’s hiervoor zijn Lightroom Classic, Photoshop Elements en Capture One. Het zijn alle drie programma’s waarin je uitgebreid kunt archiveren. En daarnaast met behulp van trefwoorden en andere markeringen als sterren en vlaggen selecties maken. Omdat Lightroom Classic nog steeds heel veel gebruikt wordt, zetten we hier de voordelen van dit programma op een rijtje.
Archiveren met trefwoorden
Het toekennen van trefwoorden is essentieel voor een goed werkend archief. Dit geldt ook voor Lightroom. Je kunt trefwoorden toevoegen tijdens het importeren van je foto’s, maar ook later. De locatie en het (hoofd)onderwerp zijn de trefwoorden die je in ieder geval toevoegt.

Vlaggen, labels en sterren
Met vlaggen, kleurenlabels en sterren kun je foto’s extra kenmerken meegeven. Dit is handig als je selecties gaat maken, bijvoorbeeld voor een fotoalbum van je reis. Stel je bent op (foto)reis naar Oman geweest en bent thuis gekomen met 3000 foto’s. Dan geef je eerst foto’s die je een plekje in je album wilt geven een ster. Heb je nu 500 foto’s hebt met sterren, dan ga je opnieuw door die selectie en geeft een extra ster aan de besten van die 500. De foto’s die je nu wilt gaan bewerken geef je een witte vlag of een bepaalde kleur.
Virtuele kopieën
Als je foto’s gaat bewerken in de ontwikkelfunctie van Lightroom, maak je eerst een virtuele kopie. In het voorbeeld hierboven zijn de virtuele kopieën herkenbaar aan het witte hoekje links onder op de thumbnail. Bij het kopiëren blijven je gegevens (datum, trefwoorden, eventuele sterren, label of vlag) allemaal staan. Je past nu de foto aan zonder dat je je origineel wijzigt. En je hebt niet direct een tweede foto op je harde schijf. Want pas als je de foto opslaat, neemt de foto extra ruimte in op je harde schijf. Je kunt vervolgens kiezen of je de aangepaste foto wel of niet wilt toevoegen aan je catalogus.
De reden om virtuele kopieën te maken is dat je ten allen tijden je originelen in je archief wilt blijven zien. Van een foto waarbij je enorm gecropt hebt om een vogel te laten zien moet later niet denken dat dit het originele formaat was. Want wanneer je er dan een poster van wilt maken blijkt de foto ineens veel te klein.
Meer manieren van zoeken
Je kunt op tal van andere manieren zoeken naar foto’s in je fotoarchief. Zoeken kan ook op combinatie van onderstaande kenmerken:
- Op camera en op gebruikte lens
- Op datum
- Op tekst (trefwoorden, metagegevens)
- Op kenmerk (vlag, ster of kleurenlabel)
- Op soort bestand (origineel, bewerkte foto of virtuele kopie)
Hoe groot kan de fotobibliotheek worden?
Toen wij jaren geleden met het archiveren van Lightroom begonnen, werd gezegd dat je er rond de 100.000 foto’s in op kunt slaan. Wij zitten nu (2015) op 2,5 maal dit aantal, zonder storingen.
[Opmerking 26 mei 2026: Inmiddels werkt onze Lightroom Classic probleemloos met ruim 650.000 bestanden en nog eens 50.000 virtuele kopieën!]
Geen dubbelingen
Je foto’s komen niet dubbel op je computer te staan. Lightroom Classic maakt gebruik van links naar de originele foto, zonder dat het origineel gewijzigd of verplaatst wordt. Zelfs foto’s op externe schijven die tijdelijk niet aan je computer hangen blijven wel zichtbaar en zijn te selecteren in Lightroom. Je catalogus groeit wel in omvang, maar dat is niets in vergelijking met dubbeling in foto’s, zeker niet nu bestanden alleen maar groter en groter worden.
Bestaande foto’s toevoegen aan Lightroom
De kans is groot dat je al duizenden foto’s op je computer hebt staan. Als je vanaf nu met Lightroom Classic zou gaan werken, is het handig om eerst de werkwijze goed onder de knie te krijgen met de foto’s die je nu maakt. Zodra je weet hoe programma werkt en een basis aan trefwoorden hebt staan, kun je foto’s uit het verleden gaan toevoegen. We raden aan om dit in overzichtelijke hoeveelheden tegelijkertijd te doen, zodat je steeds de juiste trefwoorden kunt toevoegen. Aan een bibliotheek waarin je niet kunt zoeken, heb je immers niets!