Nik Plugins: de prijs van de vooruitgang?

Twee jaar geleden kon ik nog vrolijk melden: “Nik Plugins nu gratis”!
Vandaag kan ik, wat minder vrolijk melden: “Nik Plugins nu € 49,90 en wanneer je na 1 juli betaalt € 69,90 incl. BTW.” Dit meldt DxO op haar website.

Altijd vervelend wanneer je voor iets dat gratis was (weer) moet gaan betalen. Ik zeg “weer”; deze plugin-set was jaren terug ook niet gratis. Voor het hele pakket betaalde je meer dan € 500 euro! Toen Google Nik Software overnam werd het hele pakket gratis.

Bewerkt met Dfine en Pro Contrast plus Tonal Contrast van Color Efex Pro

In de vorige blogpost was ik heel somber gestemd over de overlevingskansen voor dit product en soortgelijke producten. Maar, zoals we gewend zijn van Google, hadden ze vooral belangstelling voor Snapseed en stopten ze met ontwikkelen van de rest van de Nik-producten. Gelukkig bleek vorig jaar DxO (van o.a. Photolab, voorheen OpticsPro) bereid om de plugins te kopen en verder te ontwikkelen. Of op z’n minst up to date te houden. Dat daar een prijskaartje aan zou hangen was wel duidelijk. Hoe hoog dat prijskaartje was nog niet. Maar met straks € 69,90 en nu nog € 49,90 valt het me niet tegen.

Voor mij blijft een deel van de plugins nog steeds essentieel in mijn workflow:
Dfine voor ruisvermindering. Siver Efex Pro om kleurenfoto’s in zwart-wit versies geheel naar mijn smaak te maken. En van Color Efex Pro behoren Pro Contrast en Tonal Contrast al vele jaren tot mijn standaard bewerkingen. Ook in onze workshop Zwart-wit Fotografie, Fotobewerking Lightroom/Photoshop of Workshop Eigen Stijl besteden we vaak aandacht aan deze plugins sinds zij gratis werden.

Bewerkt met Dfine, Pro Contrast plus Tonal Contrast van Color Efex Pro én Silver Efex Pro

Dat er nu weer een prijskaartje aan de plugins hangt kan voor allerlei fotografen een reden zijn om naar alternatieven te zoeken. De commerciële alternatieven zoals Luminar en Topaz  kosten ook geld. Luminar is €69 en de hele Topaz set kost maar liefst USD 499!

Zijn de Nik-plugins nu gered? Dat is afwachten. DxO maakt zelf ook een fotobewerkingsprogramma, het al eerder genoemde PhotoLab, en een DxO-Filmpack  en waarom zouden ze de plugins compatible houden met Lightroom, Photoshop of Elements? Maar wie weet… Verder gingen er geruchten dat ze op de rand van een faillissement zouden staan. Dat schijnt mee te vallen en geruchten zijn er zoveel op internet.

Toch is en blijft het een goede zaak voor ons fotografen om niet alle eieren in één mand te stoppen en onze workflow regelmatig tegen het licht te houden en ons te blijven oriënteren op alternatieven. Ja, zelfs voor Lightroom. Want sinds Adobe vindt dat we allemaal in de Cloud moeten… en zelfs Lightroom heeft gesplitst in Lightroom Classic (voor de desktop) en Lightroom (voor alle mobiele apparaten… en sinds Adobe met zijn laatste update van Lightroom Classic en Camera Raw zich steeds verder verwijdert van de professionele en de serieuze hobbyisten markt wordt wel duidelijk dat ook Lightroom niet het eeuwige leven heeft.

Info:
Workshop Zwart-wit Fotografie
Fotobewerking: workshops Lightroom en Photoshop
Fotoworkshop Eigen Stijl

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedinmail

Fotograferen op verlaten plekken (urbex)

Workshop Urban Exploring op de Peloponnesos leidt tot indrukwekkende ontmoetingen over de crisis, WOII en de dreiging van een nieuwe oorlog.

Afgelopen week hielden we voor het eerst een workshop Urban Exploring op de Peloponnesos met Xirokambi als uitvalsbasis. Samen met zes zeer enthousiaste deelnemers fotografeerden we in verlaten bergdorpen, tussen afbrokkelende torenhuizen en op treinstationnetjes, waar nooit meer een trein zal stoppen.

Urban Exploring op de Peloponnesos

Fotograferen in een huis, waar men lang geleden de deur achter zich heeft dichtgetrokken op zoek naar een betere toekomst in Canada. Foto: Lex van den Bosch

Levend museum

Dat huizen waar men 40 of meer jaar geleden de deur achter zich heeft dichtgetrokken, mooie plaatjes opleveren, kan iedere Urban Explorer je vertellen, maar dat overgebleven bewoners spontaan hun vaak zeer emotionele verhaal komen doen, vonden we erg bijzonder. Soms kostte het moeite om duidelijk te maken waarom die verlaten plekken zo interessant zijn om te fotograferen, maar met ‘levend museum’ (ζοντανό μουσέο) en (oprechte) interesse in hun geschiedenis kwamen we een heel eind.

Emigratie

Griekenland kent een lange geschiedenis van emigratie. In het verre verleden kozen de oude Grieken vooral bestemmingen rond de Middellandse Zee. De laatste honderd jaar zijn Canada en de VS, maar ook landen als Duitsland en Nederland favoriet. Economische crises, de Tweede Wereldoorlog, de daarop volgende burgeroorlog en het kolonelsregime (1967-1974) hebben geleid tot een grote uittocht van vooral het energieke deel van de bevolking. Sinds de start van de crisis in 2008 hebben minimaal 427.000 jonge, goed opgeleide Grieken het land verlaten op zoek naar een betere toekomst (cijfers t/m 2016 zie Greek Reporter).

Urban Exploring op de Peloponnesos

Verlaten plekken op de Peloponnesos. Foto: Laurien van den Hoven

Dood spoor

Van 1886 tot 2010 kon je over de Peloponnesos reizen met de trein. Wij hebben er lang geleden in vakanties dankbaar gebruik van gemaakt. En nog tijdens een workshop in 2010. Nu dienen de stations als bijzondere fotolocaties, althans voor ons. De lokale bevolking rouwt om het verlies van de vervoersmogelijkheden naar het dorp en de levendigheid op en rond de stations.

Urban exploring op verlaten treinstations

De Centranthus ruber ofwel Rode spoorbloem (ja echt) heeft het naar zijn zin tussen de rails.
Foto: Laurien van den Hoven

Bij het geel-blauwe station van Steno ontmoet ik een oudere vrouw, die naast het station woont. Ze komt thuis met een leeg plastic zakje en een steekmes. Haar poging om wilde groenten (chorta) te verzamelen is op niets uitgedraaid; door gebrek aan regen is er nauwelijks chorta te vinden en de grond is door de droogte te hard om ze te steken. Als ik haar vertel dat we met een groepje Nederlanders rond het spoor aan het fotograferen zijn, vraagt ze hoopvol of de trein weer zal gaan rijden. Dat wij alleen komen fotograferen en helemaal niets voor haar kunnen doen, is een diepe teleurstelling. “Er is geen hoop meer, in Griekenland gebeurt helemaal niets meer. Er zijn alleen nog maar oude mensen.”

Urban exploring op de Peloponnesos

Op het verlaten station is te lezen: OSE, breng de treinen terug naar Partheni.
Foto: Laurien van den Hoven

In Partheni – een station verder – vertelt een fit uitziende zeventiger dat het eens florerende dorp is geslonken van 2500 tot 250 mensen. Het merendeel van de grote natuurstenen huizen staat langzaam te vergaan. Van het eens zo actieve dorpsleven is niets meer over. Hij woont nu zelf in de oude dansschool die het dorp vroeger rijk was.
Anton ontmoet bij het station een vrouw die de leegloop bevestigt. Volgens haar heeft het stoppen van de spoorlijn van Tripolis naar Korinthe in 2010 de nekslag betekend voor het dorp.

Een bijna leeg dorp

Arna is een mooi bergdorp ten zuiden van Sparta. In het laatste weekend van oktober is het er gezellig druk vanwege het jaarlijkse kastanjefestival, maar nu in april maakt het een uitgestorven indruk. Op het door een 2000 jaar oude plataan gedomineerde plein komen we een handjevol dorpsbewoners tegen. Van een bevolking van 1200 zielen zijn er nu nog 30 over. De meeste huizen staan er verlaten bij. Slechts sommige worden nog wel eens bewoond, maar langer dan een dag of tien in de zomer duurt dat doorgaans niet. Van een paar huizen hebben we de sleutel.

Sociale controle

Ondanks het geringe aantal mensen in de ontvolkende bergdorpen is de sociale controle nog altijd gaande. We zien het als een oude dame op een muurtje voor haar huis is gaan zitten tegenover ons groepje fotografen. Van haar vrolijke geklets begrijpen ze helemaal niets. Het is niet de eerste keer dat het ze spijt geen Grieks te spreken. Ze vertelt mij over de leegloop van het dorp, over haar zoon en dochter, die met hun gezinnen in de vallei van Sparta zijn gaan wonen, toen de basisschool haar deuren sloot, nu 25 jaar geleden. “Gelukkig wonen ze daar en niet in het buitenland!”, voegt ze er geëmotioneerd aan toe. Dan vertel ik haar over het diploma uit de Tweede Wereldoorlog dat we aan de muur hebben zien hangen. Een van de fotografen wil graag de betekenis hiervan weten. Als ik de in het zwart geklede vrouw vraag of het klopt dat dit voor een gesneuvelde soldaat is, begint ze te vertellen over de oorlog, over de honger en de vele slachtoffers. (In Griekenland zijn 400.000 burgerslachtoffers gevallen tijdens WOII, vooral door het grote gebrek aan voedsel, maar ook door executies ( World War 2 Database)).
En over de voelbare dreiging van een nieuwe oorlog. Turkije, Syrië en Rusland liggen vanuit Grieks perspectief akelig dichtbij … Het zal niet de enige keer zijn dat mensen over oorlogsdreiging beginnen, en het zijn niet alleen de ouderen die het onheil voelen.

Verlaten plekken

Als je fotograferen letterlijk uit het Grieks vertaalt, is het schrijven met licht. We hebben heerlijk gespeeld met de lichtinval op de verlaten plekken. Maar het zijn de verhalen van de mensen die de extra dimensie geven aan de foto’s.
Foto: Anton Harfst

Workshop Urban Exploring op de Peloponnesos opnieuw ingepland

De eerstvolgende workshop Urban Exploring op de Peloponnesos is van 13-19 april 2019. Er is plaats voor maximaal 7 deelnemers. De reis zal worden begeleid door Laurien van den Hoven en Anton Harfst of Lex van den Bosch.

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedinmail

Ik ga op reis en neem mee… een statief?

Tja, statieven. Ze blijven lastig, maar helaas vaak wel noodzakelijk voor de foto’s die we willen maken. Voor op reis willen we allemaal een licht, compact en niet te duur exemplaar. En die eisen bijten elkaar. Daar kom je pas achter bij de eerste reis met je nieuwe statief. Al snel laat je het ding daarna in de kast liggen. Daarom wat ideeën hier op een rijtje. (Update van blog uit september 2015).

Uitgangspunt moet zijn: je statief heeft maar één functie goed te doen en dat is het totaal stabiel houden van je camera met lens om foto’s te kunnen maken met een lange sluitertijd. Daarvoor moet het statief EN de statiefkop zodanig stevig zijn dat ze het totale gewicht van je camera met lens plus alle krachten die er op worden uitgeoefend kunnen stabiliseren. Indien je statief dit niet kan kun je hem beter thuis laten.

Een veel gebruikt soort statief is vergelijkbaar met deze Velbron of deze Manfrotto. Zij hebben veel goede dingen. Ze zijn licht, redelijk compact en hebben een quick release of snelkoppelingsplaat, zodat je snel je camera er op of eraf kunt halen. Ook kun je op een redelijke hoogte werken (1,53cm en 1,30cm).

Maar met bijvoorbeeld een Canon 50D en Canon 18-200mm lens zit je al snel op bijna 1,5 kg aan gewicht. Deze statieven hebben, volgens de specificaties, een draagvermogen van 2 en 2,5 kg. Genoeg? Nee, helaas. Misschien wanneer alles precies gecentreerd boven de middenkolom staat, je die middenkolom helemaal ingeschoven laat en ten minste de onderste 1 of 2 pootdelen ingeschoven laat PLUS je lens niet inzoomed zodat hij niet op volle lengte is… Maar zo gebruik je hem bijna nooit. Daarom moet het draaggewicht van een statief minstens 3x het gewicht van je spullen zijn.
De statiefkop zelf moet verder ook het gewicht van je toestel met lens kunnen dragen wanneer je je camera iets omhoog of naar beneden richt. Een statief als dit zit dus vrij mager in de specificaties. Maar ja, een sterker statief is meestal veel zwaarder en vaak groter.

Met al dat in gedachten heb ik ooit voor mijn combinatie van m’n Nikon D300 plus Nikon 70-200mm f/2.8 lens de volgende combi gekocht: een Giotto’s MT9270 (inmiddels niet meer verkrijgbaar) met een Gitzo GH2780QR balhoofd series2. Die konden m’n spullen prima dragen. Maar alleen het balhoofd weegt al 0,5 kg. En het hele spul is samen bijna 3 kg. Hij is wel lekker hoog (1,74m), waardoor ik er bijna recht achter kan staan, én heeft maar 4 geledingen in de poten, hetgeen ook bijdraagt aan de stabiliteit. Maar het ding is ingevouwen zo lang dat hij nergens in past én echt veel te zwaar om steeds mee te lopen. Wanneer je ’s avonds het ding nodig hebt, ga je er niet de hele dag mee lopen rondslepen. En dus bleef hij bijna altijd thuis of lag hij achter in de auto en blééf daar liggen.

Tegen het zware valt wel wat te doen door in plaats van een aluminium statief een carbon statief te nemen. Maar daar hangt een heel pittig prijskaartje aan. En ik neem aan dat het voor meer mensen bezwaarlijk is om minstens 400 euro voor een goed carbon statief uit te geven.

Verder toch maar iets meer geledingen in de poten? Want daardoor vouwt het statief kleiner op. Dan maar wat vaker door de knieën. En zo zijn er nog wel een paar compromissen te vinden. En goed uitzoeken waar je zo’n statief het meest voor zult gebruiken. Voor mij is dat voornamelijk landschap of stedelijke shots, waarbij ik geen gekke hoeken hoef te maken en ook niet heel snel hoef te reageren. Geen macro’s, waar je een enorme precisie voor nodig hebt. Geen vogel- of wildshots, waarbij je het onderwerp snel moet kunnen volgen. Ook ben ik heel creatief in het vinden van extra steun voor m’n statief voor die momenten dat m’n statief eigenlijk te kort schiet. En ik gebruik vaker een 50mm of bijvoorbeeld een 16-80mm f/2.8-4 dan m’n zware en grote f/2.8 70-200mm wanneer ik in de stad loop. Een statief stevig genoeg voor veel omstandigheden. Licht en klein genoeg om geen reden te hebben hem NIET mee te nemen…?

Ik heb daarom uiteindelijk maar gekozen voor een combinatie die in veel gevallen net genoeg stabiliteit geeft, niet te zwaar is én in m’n rugzak past. In mijn geval deze: Benro A1692TB0. Die kan 8 kg aan en dat is voor mijn maximale belasting net aan genoeg om de boel stabiel te houden. Hij is 1,7 kg inclusief balhoofd tegenover een gecombineerd gewicht van 3 kg voor m’n vorige zet. Verder is hij opgevouwen (terwijl de balhoofd er nog op zit) 40cm tegenover 70cm. Daardoor kan deze zonder probleem IN m’n gewone rugzak en daarmee wordt het veel makkelijker hem mee te nemen.

Een van de belangrijke punten is nu eenmaal dat hij makkelijk is op te bergen en dat je er niet de hele dag last van hebt. Dat is voor mij ook DE reden geweest om voor een balhoofd in plaats van voor een twee- of driewegkop te kiezen. Ja, die twee handvatten die aan zo’n driewegkop zitten zijn makkelijker en sneller te bedienen dan zo’n balhoofd. Maar helaas nemen die dingen ook altijd heel veel ruimte in beslag omdat ze uitsteken. Wanneer je ze in een rugzak wilt stoppen zitten ze altijd in de weg. En wanneer je het statief áán je rugzak hangt dan loop je de kans er mensen de ogen mee uit te steken. Zeker in volle metro’s en op drukke plekken. Manfrotto maakt inmiddels ook een inklapbare driewegkop die dit probleem oplost. Maar dan heb je toch weer 2 extra dingen uit te klappen bij het opzetten van het statief.

Wat betreft het gewicht kun je eigenlijk niet veel lichter gaan zitten dan de gewichten uit voorgaande voorbeelden. Je wilt het statief ook niet veel lager hebben, want dan kun je nooit eens over een railing of brugrand fotograferen óf je ligt steeds op je knieën. Overigens komt dan een kantelbaar display op je camera goed van pas.

Nog één punt: Er zijn twee systemen voor het uitschuiven en vastzetten van de poten. De ene is met een draaisysteem. De ander heeft een systeem met clips, zoals de Manfrotto in m’n voorbeelden. Er is voor beide systemen wat te zeggen. Dat clip-systeem is lekker wanneer je koude of natte vingers hebt. Want dan is het moeilijk om de draaisystemen goed aan te draaien. En bij dat clip-systeem ZIE je wanneer je een poot niet vast hebt gezet. Maar in mijn ervaring gaat zo’n clip-systeem wel sneller kapot of geeft storingen. Wanneer er vuil tussen komt werkt het al snel niet meer. Die draaisystemen blijven eigenlijk altijd wel werken. Of ze moeten van niet al te best materiaal zijn gemaakt en ‘lam’ te draaien zijn. Mijn zware statief en mijn Benro hebben dit draai-systeem en die bevallen me prima. Maar het is ook deels persoonlijk wat het beste bevalt.

Dit is een heel verhaal, waarvan ik hoop dat het je op weg helpt met het denken over je statief. Om een idee te geven over functies en prijs heb ik even snel een selectie bij CameraNU.nl gemaakt: MeFOTO A1350Q1 statief RedManfrotto MKBFRLA4BK-BH Befree en voor wat meer hoogte Sirui Traveller Aluminium T-1004XL statief + E-10
Ik kan me ook voorstellen dat je, alles afwegend, besluit om je huidige statief dan maar te houden en toch weer vaker mee te nemen. Prima. Daar heb je tenminste ervaring mee. Je kent de beperkingen, dus daar kun je dan ‘omheen’ werken. Maar laat hem niet weer in de kast liggen!

Oorspronkelijke versie van deze tekst is geplaatst op 27 september 2015 en is voor het laatst bijgewerkt op 11 december 2017.

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedinmail